Wees altijd als een passieve toeschouwer
De meest belangrijke aspecten aan de hand van een enkelvoudige instructie van de Boeddha.
Het is een kwestie van slechts aandachtig zijn
In zijn instructies omtrent de ontwikkeling van inzicht, geeft de Boeddha bij de verscheidene onderwerpen steeds heel duidelijk aan, dat je slechts hoort te weten oftewel te begrijpen (sampajañña) wat er is en verder niets. Dit is steeds waar het om draait. Bijvoorbeeld:
"Hierin (idha), monniken, weet een monnik, wanneer hij een aangenaam gevoel ervaart: 'Dit is een aangenaam gevoel'; wanneer hij een onaangenaam gevoel ervaart, weet hij: 'Dit is een onaangenaam gevoel' (…)."
D22 — Mahā Satipaṭṭhāna Sutta — De grote toespraak over de vier fundamenten van indachtigheid
Let op. Bovenstaande betekent niet dat je hetgeen er is moet benoemen! Het gaat erom dat je weet oftewel dat je begrijpt wat er is, wat je doet etc. Als je de woorden van de Boeddha hier niet correct begrijpt, zou je kunnen denken dat je dingen moet benoemen (wat een subjectieve invulling is), wat dan ook vaak zo wordt onderwezen en volstrekt verkeerd is. In de sectie De basis van meditatie is hiervoor nadrukkelijk gewaarschuwd en uitgebreid toegelicht.
De Boeddha zegt hier helemaal niet dat je dingen moet opzeggen, maar dat je dient te weten, te begrijpen wat je doet, wat er is. Dat is alles. Je hoeft niets meer te doen dan louter aandacht schenken (āvajjana) dat vanzelf en op een natuurlijke manier voor het begrijpen zorgt. Laat daarom altijd aandacht het werk doen zonder de bemoeienis van 'ik'. In boeddhistische meditatie gaat het om intuïtief inzicht. Daarom wordt de Boeddha ook wel 'de Leraar van de Leer van geen-zelf' genoemd (satthā anatta vādī).
Intuïtief inzicht
Onder intuïtief inzicht of intuïtieve wijsheid verstaan we het inzicht dat ontstaat zonder de tussenkomst van 'ik'. D.w.z. dat er geen persoonlijke invulling gegeven wordt aan wat is waargenomen. Het wordt dan ook verkregen zonder gekunsteldheid, zonder aannames (sarambhapi), zonder aanzet (asaṅkhārikacitta) of beïnvloeding van wat dan ook.
Gewaarzijn (vijānana) kan gezien worden als de basis voor intuïtief inzicht omdat een object alleen correct kan worden herkend zonder persoonlijke invulling (upādāya). Naarmate bewustzijn (viññāṇa) verder wordt ontwikkeld (zuiverder wordt) gaat dit gewaarzijn (vijānana) geleidelijk over in helder begrip (sampajañña) dat gelijk is aan doordringend inzicht (paṭivedha).
Zie ook Van bewustzijn naar helder begrip.
Als je het gevoel hebt niet succesvol te zijn in je meditatie, dan heeft het 'ik' de neiging daar iets aan te doen, maar als jij hier iets aan probeert te doen gaat het juist mis omdat het 'ik' het 'gekunstelde' (kutta) is. Dat blokkeert het doel. Wat wel tot succes en tot het doel leidt, is het louter schenken van aandacht en niets meer dan dat. Aandacht is de primaire sleutel die naar het ongekunstelde (anatam) leidt.
Verder geeft de Boeddha bij elk fundament van indachtigheid aan hoe de dingen worden gezien zoals ze zijn, namelijk door er niets aan toe te voegen, bij te maken of bij te denken. In De basis van meditatie wordt goed uitgelegd dat alle mentale activiteit tot rust moet komen. Want het creëren van iets leidt tot 'worden', tot het geconditioneerde (saṅkhata). Zo zegt hij bijvoorbeeld dat je gevoelens louter als gevoelens dient te zien. Niet als iets anders. Zowel intern als extern. Dit is wat tot intuïtief inzicht leidt.
"Op deze wijze beschouwt hij intern gevoelens als gevoelens, of hij beschouwt extern gevoelens als gevoelens, of hij beschouwt zowel intern als extern gevoelens als gevoelens. (…)"
D22 — Mahā Satipaṭṭhāna Sutta — De grote toespraak over de vier fundamenten van indachtigheid
En overal waar de Boeddha het beschouwen aanhaalt wijst hij erop dat het steeds gaat om de ontwikkeling van inzicht dat alleen ontwikkeld kan worden wanneer iemand zich nergens in de wereld aan vastgrijpt.
"Op deze wijze beschouwt hij intern het lichaam als een lichaam, of hij beschouwt extern het lichaam als een lichaam, of hij beschouwt zowel intern als extern het lichaam als een lichaam[1]. Hij beschouwt het opkomen van dingen (samudayadhamma) omtrent het lichaam; hij beschouwt het vergaan van dingen (vayadhamma) omtrent het lichaam; of hij beschouwt het opkomen én het vergaan van dingen omtrent het lichaam[2]."
"Of zijn indachtigheid is gegrondvest op de gedachte: 'Er is slechts een lichaam[3]', juist zoveel als nodig is voor de uitbreiding van inzicht en indachtigheid, en hij verblijft (viharati) onafhankelijk (anissito) en grijpt zich nergens in de wereld aan vast. Zo, monniken, beschouwt een monnik het lichaam als een lichaam[4]."
D22 — Mahā Satipaṭṭhāna Sutta — De grote toespraak over de vier fundamenten van indachtigheid
En ook hier geeft de Boeddha een voorbeeld van hoe hijzelf louter aandacht schonk in zijn meditatie. Met 'die dingen die er waren' worden de mentale activiteiten bedoeld oftewel de mentale formaties (saṅkhāra).
12. "Net zoals in de laatste maand van het hete seizoen, wanneer de oogst in de dorpen gebracht is, moet een koeienherder zijn koeien bewaken terwijl hij aan de voet van een boom verblijft of in het open veld. Het enige dat hij hoeft te doen, aangezien de koeien daar zijn, is hen gade te slaan; ook zo, hoefde ik, aangezien die dingen die er waren, hen alleen maar gade te slaan."
13. "Onvermoeibare energie ontstond in mij en onverminderde indachtigheid was gegrondvest, mijn lichaam was kalm en rustig, mijn geest was geconcentreerd (samādhi) en tot eenheid (ekaggatā) gebracht."
M019 — Dvedhāvitakka Sutta — De twee soorten gedachten
Bovenstaande eenvoudige instructies hebben een diepe en veelomvattende betekenis. Die veelomvattendheid zal ik hier in een korte en eenvoudige bewoording uitleggen. Dit maakt het mogelijk om de kern van bovenstaande woorden van de Boeddha diep in je hart en in de meest belangrijke aspecten te begrijpen. Schenk diepe aandacht zodat je het nooit meer zult vergeten.
De passiviteit van de kikker
Wees altijd een passieve toeschouwer zoals deze kikker. Hij is stil, observeert slechts en doet verder niets.
Deze kikker zit onbeweeglijk zodat het wateroppervlak helder weerspiegelt. Bij de minst geringste beweging komt het water in beroering en raakt de weerspiegeling verstoord. De kikker is passief. Hij doet niets, behalve dat hij uiterst waakzaam (appamāda) is.
Misschien is deze kikker op rooftocht uit, naar insecten. Dit zou een reden voor hem kunnen zijn waarom hij zo stil zit. Want als hij zich beweegt, beweegt het water waardoor hij zichzelf verraad en hij zijn doel mist. Nu zijn wij natuurlijk niet op rooftocht uit, maar als we mentaal bewegen, als we onszelf door allerlei dingen laten beïnvloeden (asava), op sleeptouw laten nemen, door wat dan ook laten verstoren (iñjita), zullen we net zoals de kikker (wanneer hij zich beweegt) het doel missen. Zo stil en onbeweeglijk het wateroppervlak voor de kikker moet zijn, zo stil en onbeweeglijk moeten wij mentaal in onze observatie zijn. Alleen zo kan aandacht het werk doen waardoor de geest alles helder kan weerspiegelen en de dingen kan zien zoals ze werkelijk zijn.
Wees in mentaal opzicht daarom altijd zoals de kikker. Zowel in je meditatie als in de sleur van het dagelijks leven. Wees onder alle omstandigheden een passieve toeschouwer: een toeschouwer zonder verwachtingen, zonder verlangens, zonder aannames (sarambhapi), zonder bij-dingen, zonder vooropgezette ideeën (asaṅkhārikacitta), zonder toename (papañca), zonder enige vorm van vastgrijpen (upādāya).
Een passieve toeschouwer zijn, betekent niet dat je 'doods' bent alsof er geen belangrijk werk gedaan wordt. Door passief te zijn, is de geest kalm (passaddhi), zijn er geen mentale activiteiten, dus ook geen verstoringen (iñjita). Tegelijkertijd is er sprake van een echt en zuiver beschouwen oftewel aandacht schenken (āvajjana) waarin je de dingen kunt zien zoals ze zijn. Op die manier kan alles wat er zich voordoet direct gekend (vijānana), erkend (abhiññeyya) en helder begrepen (sampajañña) worden. Deze manier van aandacht schenken dient toegepast te worden op zowel de interne- als de externe wereld. Dit is de weg van het ontwaken (bujjhati) tot de realiteit (sacca) en de taak waar alle mensen voor staan.
Wat de Boeddha als enige Leraar onderwezen heeft, is dat er in diepe werkelijkheid (paramatthasacca) nergens een 'ik' te vinden is. Alle ideeën van 'ik' dien je te overwinnen (attanudiṭṭhimuhacca).
Elke perfecte actie van een passieve toeschouwer is een actie waarin geen enkele verbondenheid is met het idee van 'ik' (attanudiṭṭhimuhacca). Zo kan aandacht — zonder de tussenkomst van 'ik' — het echte werk doen dat vereist is. Hier krijgt zelfvertrouwen (saddha) vaste grond onder de voeten. En Māra, de grote misleider, krijgt hier geen enkele ruimte, geen schijn van kans.
De poortwachter
De poortwachter die boven op een stadsmuur staat, heeft de taak om de mensen die onder hem door de poort van de stad in- en uitgaan, te observeren. Dit is zijn taak en verder niets. Om louter zijn taak uit te kunnen voeren, om echt te kunnen zien zonder bij-dingen, moet de poortwachter passief van geest zijn. De passiviteit betekent dat zijn geest kalm is. Die kalmte is alleen mogelijk als zijn geest niet met allerlei dingen bezig is, niet onderhoudend is, niet onrustig is. Zijn geest moet 'alleen kunnen zijn', op zichzelf kunnen staan en zich nergens afhankelijk van maken. Want zonder vooropgezette ideeën, zonder verwachtingen, zonder verlangens, zonder aannames (sarambhapi), zonder een vastgrijpen (anupādāya), is er niets dat hem zal beïnvloeden. Alleen dan kan hij echt zien en ontdekken (passati) wie er door de stadspoort in- en uitgaat.
Op dezelfde manier dienen wij de poorten van onze zintuigen te bewaken (indryaguttadvāra). Door passief te zijn en louter aandachtig te zijn, zullen we een methode cultiveren (bhāvanā) die ons naar het allerhoogste doel zal leiden. Het is een methode waarin geen 'ik', geen 'persoonlijkheid', geen 'persoonlijke inkleuring' in aanwezig of bij betrokken is. Dit is waar attanudiṭṭhimuhacca voor staat hetgeen de voorwaarde is voor de ontwikkeling van helder begrip (sampajañña) en dus bevrijding (vimutti).
Er zijn soorten bewustzijn (viññāṇa) voor het waarnemen van de corresponderende zintuigobjecten. Waarnemen bouwt een herinnering op dat wordt 'opgeslagen' in het geestesbewustzijn element (manoviññāṇadhātu) oftewel 'de vergaarbak'. Dit beïnvloedt op z'n beurt weer het toekomstige waarnemen (en heel veel andere zaken).
Alle soorten bewustzijn ontstaan afhankelijk (nissita) van een voorwaarde (paccaya) en vormen samen één functionerend (viññāṇakicca) geheel. Zo bouwt bewustzijn sferen (āyatana) oftewel de wereld waarin je leeft.
Leren sterven aan het idee van 'ik'
Als we kunnen 'sterven' aan het idee van 'ik', dan zal er louter aandacht (āvajjana) zijn zonder dat iets anders erbij gemaakt wordt (papañca). Want het 'ik', dit 'persoonlijk bewustzijn', dit vasthouden aan 'het geloof in persoonlijkheid' (sakkāyadiṭṭhi) is wat de wereld maakt, wat lijden (dukkha) creëert. Het omvat allerlei 'factoren van persoonlijkheid' (sakkāyadhamma). Als dit 'sterft', als dit verdwijnt, dan zullen verstoringen (iñjita) en verdraaiingen (vipallāsa) geleidelijk aan afnemen zodat je de dingen kunt zien zoals ze werkelijk zijn (yathābhūta).
Geen activering
Belangrijk is te begrijpen dat wanneer het 'ik' niet tussenbeide komt, nergens bij betrokken is, er geen 'activering' (nisaṅkhiti) van wilshandeling (kammacetanā) is en daarom het wedergeboorte proces (upapattibhava) wordt gestopt.
Dit zijn de meest belangrijke aspecten aan de hand van een enkelvoudige instructie van de Boeddha. Dit is de enige weg (ekāyana) naar het onverstoorbare (aneñja) die in deze wereld zelden gezien en begrepen wordt.
Mijn training bestaat uit de zitmeditatie die als een basistraining voor mij is om mijn gewaarzijn aan te scherpen. Deze basistraining is mij behulpzaam tijdens al mijn dagelijkse activiteiten wat de praktijktraining voor mij is. Ook dan train ik zoveel mogelijk indachtigheid.
Om dit alles correct te kunnen doen, om te weten waar ik op moet letten en hoe het allemaal werkt, bestudeer ik natuurlijk ook de Dhamma.
Extra aanbevelingen
Zie ook de groep pagina Wat is het onverstoorbare?
Op groep pagina's zijn pagina's gebundeld omtrent een cruciaal onderwerp. Deze gebundelde pagina's noemen we sub pagina's. Ze werken gezamenlijk naar de betekenis en het doel van de groep pagina. In opbouwende en eenvoudige bewoording geven ze exact weer wat de Boeddha werkelijk heeft onderwezen.
Eindnoten
[1] MA: 'Intern': het beschouwen van de ademhaling in zijn eigen lichaam. 'Extern': het beschouwen van de ademhaling van een ander. 'Intern en extern': het beschouwen van de ademhaling in zijn eigen lichaam en het beschouwen van de ademhaling van een ander, zonder onderbroken aandacht.
Een gelijke verklaring is ook van toepassing op de passage die volgt in elk van de andere secties, behalve dat voor de externe beschouwing van gevoelens, de geest, en mentale objecten, (los van hen met telepathische vermogens) deze van de eerste passage afgeleid moet worden.
[2] MA: De 'opkomende dingen' (samudayadhamma) voor het lichaam zijn de voorwaarden (paccaya) voor het ontstaan van het lichaam, namelijk: onwetendheid, begeerte, wilshandelingen en voedsel, samen met het van moment tot moment ontstaan van de fysieke verschijnselen in het lichaam. In het geval van de indachtigheid van ademen, vormen de fysieke organen voor de ademhaling die in de commentaren worden genoemd, een aanvullende opkomende factor. Dit betekent dat bijvoorbeeld de longen van een betere kwaliteit zullen worden. Voor carapatiënten zal de beoefening van de indachtigheid van ademen dan ook duidelijk merkbaar zijn. De 'verdwijnende factoren' (vayadhamma) voor het lichaam is de opheffing van de voorwaardelijke condities en de kortstondige ontbinding van fysieke verschijnselen in het lichaam.
[3] MA: Er is slechts een lichaam, maar er is geen levend wezen, geen individu, geen vrouw, geen man, geen zelf, niets dat behoort tot een zelf; noch een persoon, noch iets dat tot een persoon behoort.
[4] 'Beschouwt een monnik het lichaam als een lichaam' houdt in dat een lichaam slechts als een lichaam gezien wordt, en meer niet.
| RegID | ot7it5ocwwBRvTF |
|---|---|
| Bijgewerkt | 17 januari 2026 10:30:29 |
| Auteur | Peter van Loosbroek — Ānanda |
| Locatie | www.sleuteltotinzicht.nl |
| Copyright | Zie a.u.b. copyright www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm |
| Overig | Geen |
