Afhankelijkheid en angst

Verlangens impliceren angst.

Inhoudsopgave

Oorzaken en gevolgen zien

Verlangens impliceren angst

De middelvinger

Extra aanbevelingen

Oorzaken en gevolgen zien

De Boeddha leert de 'oorzaak en de opheffing van lijden'. Dit kunnen we ook beschouwen als 'het ontstaan en het verdwijnen van dingen (sankhara)'.

Wanneer dit er is, ontstaat dat. Wanneer dit er niet is, kan dat niet ontstaan. Iets kan alleen ontstaan uit iets anders als er een afhankelijkheid is. Wanneer die afhankelijkheid van iets er niet is, kan daar niets uit ontstaan.

De samenhang van die dingen ligt vaak dieper dan het op het eerste gezicht lijkt. Maar als we tot een diep inzicht komen van oorzaken en gevolgen van dingen, gaan we vele aspecten steeds beter begrijpen totdat er op een gegeven moment een diep doordringend inzicht (pativedha) is in alles wat er zich voordoet.

Het is afhankelijkheid (nissito) hetgeen neerkomt op vastgrijpen (tanha) waardoor lijden (dukkha) toeneemt (anuloma). En het is onafhankelijkheid (anissito) oftewel het verzaken (nekkhamma) waardoor lijden afneemt (patiloma).

In dit artikel zullen we een voorbeeld geven inzake verlangen en angst. Laten we eerst de woorden van de Boeddha zelf eens bekijken:

"Er is nog een manier om deze tweevoudige bespiegeling uit te leggen: 'De eerste bespiegeling is, dat afhankelijkheid (nissito) de voorwaardelijke conditie (paccaya) van angst (bhaya) is. De tweede bespiegeling is, dat door het volledig bedaren en ophouden van afhankelijkheid er geen angst meer geproduceerd wordt.'"

Snp3-12 — Dvayatanupassana Sutta — Tweevoudige bespiegeling

Verlangens impliceren angst

Verlangens (kamacchanda) impliceren angst (bhaya). Dit verband zal misschien niet door iedereen snel en makkelijk worden gezien. Maar misschien dat de volgende eenvoudige uitleg je heel logisch klinkt.

A. Als je naar het aangename verlangt, bestaat er (meestal onbewust) reeds een onderliggende tendens van angst om het aangename niet krijgen. En als je dat aangename waarnaar je verlangde eenmaal verkregen hebt, is er weer de angst om het kwijt te raken, om het niet te hebben.

B. Vanaf de andere kant bekeken werkt dat net zo. Als er het onaangename is wil je dat niet, want je wilt het aangename.

Uit A. kunnen we opmaken dat verlangen angst voortbrengt. Hoe intenser het verlangen, hoe intenser de angst. Angst om iets niet te hebben is gelijk aan verlangen.

Het kan paradoxaal klinken, maar hetzelfde geldt bij B. Stel, je bevind je in een vervelende, nare, onaangename situatie. Dat vindt niemand leuk, dus wil je dat die situatie er niet is, je wilt daar uit, eraan ontsnappen (nissarana). De meeste mensen die niet begrijpen hoe het werkt, die de Dhamma niet zien, richten hun verlangen dan op iets wat aangenaam is[1]. Dan weer hier, dan weer daar. Dit is niet de oplossing, maar het verleggen van het probleem, omdat op die manier het verlangen niet opgegeven wordt. Menselijke verlangens zijn onverzadigbaar! Zo kunnen we zien hoe verlangen (kamacchanda) angst teweegbrengt en het lijden in een ononderbroken cyclisch in stand houdt.

Het volgende zal je zeer waarschijnlijk wel duidelijk zijn. Gehechtheid is een geïntensiveerd verlangen. Wanneer we gehecht zijn aan het bestaan (nandi raga), aan het leven, is er angst (bhaya) voor de dood. Maar wanneer er geen enkele gehechtheid is, is er ook geen angst. Zelfs niet voor de dood.

Bovenstaande komt erop neer dat we het aangename omarmen en het onaangename wegduwen. Allemaal vanwege verlangens. Daarom is er voorkeur en afkeer (anurodhapativirodha). Angst (bhaya) is een gevoel (vedana). Net zoals gevoelens een functie hebben, heeft ook lijden een functie. In essentie is het hele bestaan doordrongen met lijden, vol met zorgen, uitdagingen en problemen. Het 'voordeel' hiervan is, dat we daarom van alle dingen in het leven kunnen leren en wijzere mensen kunnen worden.

Gebruik geen geest verdovende middelen

Als je een drug of medicijn neemt 'tegen angst' neem je dus de functie van gevoel weg. En niet alleen van gevoel, maar het hele correct functioneren van de geest (mano) omdat hierdoor de geest versuft wordt. Een versufte geest kan het juiste werk niet doen! De functie van bewustzijn, van aandacht (avajjana) schenken etc., wordt hierdoor ernstig aangetast. Mensen die zulke medicijnen voorschrijven kennen de Dhamma niet en weten heel duidelijk niet hoe de geest werkt!

Lees meer op De verwoestende gevolgen van geest verdovende medicijnen.

Opvolgende kernpagina's

'Wie de Dhamma ziet, ziet mij', zei de Boeddha. Maar hoe kun je de ware Dhamma zien tussen alles wat hierover geschreven is door mensen met uiteenlopende opvattingen? Leer op een eenvoudige en opbouwende manier het hart kennen van wat de Boeddha werkelijk heeft onderwezen. De kern van de boeddhistische Leer. Voor dit doel zijn speciale opvolgende kernpagina's gegroepeerd die te vinden zijn op De beëindiging van conditionering.

Wat is het dat het leven lastig maakt en bemoeilijkt? Het is begeerte, hetgeen een geïntensiveerde vorm van verlangen is. Het is omdat we dingen omarmen en wegduwen waardoor we niet kunnen openstaan voor wat er op dat moment is omdat onze geest er steeds voor wegvlucht.

Wanneer we niet goed aandacht (avajjana) schenken aan wat er is, kunnen we niet zien wat er is. En omdat we niet zien wat er is, begrijpen we niet wat er is. De functie van bewustzijn (viññana) is namelijk om gewaar te zijn (vijañana). Hierdoor ga je dingen 'echt kennen' zonder dat het 'ik' tussenbeide komt. Ervaringen zijn er niet om vast te houden, maar om van te leren. Leren doe je wanneer je open staat voor alles wat er is, ongeacht voorkeur en afkeer. Alleen dan kun je dingen echt kennen en begrijpen. Ontkenning leidt nooit tot realiteit maar tot begoocheling (moha).

Om moeilijkheden, problemen en lijden te overwinnen, is moed, geduld en verdraagzaamheid (khanti) nodig wat door iedereen gestaag ontwikkeld kan worden. Dit aanleren is nodig, want om tot volle wasdom te komen, om een wijs mens te worden, is de weg er naartoe niet er omheen maar er doorheen.

De middelvinger

Alle dingen, alle verschijningsvormen (sankhara) die er zijn, wat je ervaring ook is, moeten goed begrepen worden voor wat ze werkelijk zijn. Al is het maar iemand die z'n middelvinger naar je opsteekt. Als je daarop reageert raak je erin betrokken en kan het een probleem voor je gaan vormen. Misschien wordt je wel boos wat het probleem nog groter maakt. Als je op die boosheid blijft reageren houdt je boosheid in stand. Als je boosheid in stand houdt en laat toenemen (papañca) zul je steeds slechter kunnen nadenken (manasikara). Boosheid is geen gelukkige staat van de geest. Het is niet de weg naar en van wijsheid.

Het echte probleem wordt niet gecreëerd door degene die z'n middelvinger opsteekt. Dat is slechts een 'mede oorzakelijkheid'. De hoofdoorzaak van het probleem ligt niet in de externe wereld, maar in de interne wereld. Jijzelf reageert erop, jijzelf grijpt vast. Door erop te reageren maak je jezelf er afhankelijk (nissito) van. En jij bent ook degene die zichzelf er onafhankelijk (anissito) van kan maken. Dit voorbeeld van de middelvinger is heel eenvoudig en toch draagt dit een essentiële boodschap in zich van hoe we kunnen leren om vrij van iets te zijn. Want zo werkt het bij alles.

Als je leert om alles met alleen maar aandacht te bekijken, louter aandacht en niets meer, leer je de dingen zowel in de wereld om je heen als de dingen in je innerlijke wereld begrijpen. Dat begrijpen zorgt vanzelf voor verzaking (nekkhamma), voor het loslaten. Dan is er geen afhankelijkheid en is er geen probleem, geen lijden (dukkha).

De arahat heeft alle verlangens en andere bezoedelingen van de geest opgegeven. Dit is iemand die nergens meer door in beslag wordt genomen. Dit is iemand die alle ballast (upadhi) van zich heeft afgeworpen. Voor iedereen is dit mogelijk, want diezelfde weg is er nog steeds. Maar iemand moet verlangend zijn om te leren en zich openstellen voor alles wat er op z'n pad komt.

"(...) en hij verblijft (viharati) onafhankelijk (anissito) en grijpt zich nergens in de wereld aan vast."

D22 — Maha Satipatthana Sutta — De grote toespraak over de vier fundamenten van indachtigheid

Extra aanbevelingen

'Wie de Dhamma ziet, ziet mij', zei de Boeddha. Maar hoe kun je de ware Dhamma zien tussen alles wat hierover geschreven is door mensen met uiteenlopende opvattingen? Leer op een eenvoudige en opbouwende manier het hart kennen van wat de Boeddha werkelijk heeft onderwezen. De kern van de boeddhistische Leer. Voor dit doel zijn speciale opvolgende kernpagina's gegroepeerd die te vinden zijn op De beëindiging van conditionering.

Eindnoten

[1] Een mooi voorbeeld is S36-006 — Salla Sutta — De pijl.

Document info
RegID o0p61UknuXcAlHA
Bijgewerkt 26 januari 2024 20:48:09
Auteur Peter van Loosbroek — Ananda
Locatie www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright Zie a.u.b. copyright www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overig Geen