De vier inspanningen — Initiële instructies

Padhāna Sutta

Onheilzame staten vermijden en overwinnen, en heilzame staten ontwikkelen en tot groei brengen.

Dit zijn de vier inspanningen die de 6e factor (sammāvāyāma) van het Edel Achtvoudige Pad (ariya atthangika magga) vormen. Terwijl A04-013 de 'initiële instructies' zijn voor de verwijdering van onheilzame (akusala) staten van de geest en het tot groei brengen van heilzame (kusala) staten van de geest, staat A04-014 voor de 'additionele instructies' die voor dat doel (van A04-013) bij de verscheidene meditatie onderwerpen worden toegepast.

"Monniken, er zijn vier juiste inspanningen (sammappadhāna). Welke vier?"

1. "Hierin (idha) wekt een monnik zijn wil (chanda) op om het opkomen van kwade (pāpaka) onheilzame (akusala) dingen (dhamma) te vermijden (saṁvarapadhāna), spant zich in (vayamati), wekt zijn energie (viriya) op, richt zijn geest (citta) daarop en streeft (padahati) daarnaar."

2. "Om kwade (pāpaka) onheilzame (akusala) dingen (dhamma) te overwinnen (pahānapadhāna) die reeds opgekomen zijn, wekt hij zijn wil (chanda) op, spant hij zich in (vayamati), wekt zijn energie (viriya) op, richt zijn geest (citta) daarop en streeft (padahati) daarnaar."

3. "Voor het ontwikkelen (bhāvanāpadhāna) van heilzame (kusala) dingen (dhamma) die nog niet opgekomen zijn, wekt hij zijn wil (chanda) op, spant hij zich in (vayamati), wekt zijn energie (viriya) op, richt zijn geest (citta) daarop en streeft (padahati) daarnaar."

4. "Voor het handhaven van de heilzame (kusala) dingen (dhamma) die opgekomen zijn, om hen niet af te laten zwakken maar hen tot groei te brengen (anurakkhanāppadhāna), tot volle wasdom (gotrabhu) en perfecte ontwikkeling — wekt hij zijn wil (chanda) op, spant hij zich in (vayamati), wekt zijn energie (viriya) op, richt zijn geest (citta) daarop en streeft (padahati) daarnaar."

"Dit, monniken, zijn de vier juiste inspanningen."

De kracht van Mara is verslagen (abhibhuta)
door de juiste inspanningen (sammappadhāna).
Zij zijn niet gehecht (asita);
zij zijn voorbij gegaan (paragu) aan de angst (bhaya) voor geboorte (jāti) en dood (maraṇa).

Zij zijn tevreden (tusita), omdat zij Mara en zijn leger (vahini), hebben overwonnen (jetva),
en vrij van verlangens (aneja).

Omdat zij alle krachten van Namuci hebben overschreden (upativatta),
zijn zij gelukkig (sukhita).

Document info
RegID A04-013
Bijgewerkt 3 juli 2025 10:40:34
Auteur Peter van LoosbroekAnanda
Locatie www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright Zie a.u.b. copyright www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overig Geen